De Laatste Barbecue: een religieus kortverhaal.
“Heb jij misschien de groene paprika’s gezien?”
“In de koelkast in de garage, die van de keuken zat al volgepropt. Breng meteen de peterselie mee, als je dan toch in de garage moet zijn.”
“Jawel, meester”, antwoordde Maria Magdalena waarna ze het keukenmes terug op de snijplank legde en naar de garage liep.
Jezus kneep plagerig in haar achterwerk toen ze hem passeerde.
“Concentreer jij je maar op je aardappelsalade!”
Het geluid van de deurbel sneed door merg en been, en Jezus bijna in zijn vinger van het schrikken.
“Heb je het volume nu nog niet aangepast?”, riep Maria Magdalena vanuit de garage.
“Nee, ik vind de handleiding niet meer”, antwoordde Jezus terwijl hij zijn handen afveegde aan zijn keukenschort. De deurbel ging nogmaals.
“Ik kom, ik kom!”, zei hij meer tegen zichzelf dan tegen de ongeduldigaards aan de deur. Mark en Peter hadden zich uitgedost in bijna identieke hawaïhemden en reikten Jezus een fles witte wijn aan. “Australische, zoals je hem graag hebt”, zei Peter trots. Ze lachten beiden de tanden bloot zoals enkel nichten dat kunnen en veegden hun voeten zorgvuldig af aan de deurmat.
Jezus hield eigenlijk meer van rode wijn, Chileense liefst, maar hij wou het koppel liever niet beledigen. Het was voor hem al moeilijk genoeg geweest om ‘janet’, zijn favoriete scheldwoord, uit zijn woordenboek te verbannen. “Je moet er iets voor over hebben om als een ruimdenkend mens over de te komen”, had hij bij zichzelf gedacht, waarna hij overgeschakeld was op ‘mongool’ of ‘dwaas’, twee sociale groepen waarmee hij toch liever niet al te vaak contact had.
(Meer…)
Four-eyes.
Vieroog, brilsmurf, brillendoos, bokaalglazen.
Zo mag u mij de komende weken noemen.
Ik heb sinds deze middag namelijk een bril, die ik moet dragen tot mijn ogen hersteld zijn van de Groote Martelink Der Kruidvatlenschen.
Ik val bijna van trappen en loop overal tegenaan.
Dat wordt wennen.
Het lijkt alsof alles gebogen is, en mijn toetsenbord lijkt erg veraf. Ook is het redelijk vervelend dat ik enkel nog vooruit kan kijken, en alles wat naast mijn brilglazen valt is wazig. Een beetje zoals een vis, maar dan in de andere richting. Het zal ook gigantisch spannend worden in de auto morgen.
Toch lijkt het mij gezelliger dan een abces op mijn pupillen, dus even doorbijten.
Moet dat nu echt.
Is het echt nodig om bij elk nieuwsbericht een grafisch verantwoord grafiekje te plaatsen? VTM deed het al eerder tijdens het nieuws, onnodige grafiekjes en animaties tonen, om nog maar eens op te scheppen met hun belachelijk grote tv-wand. En omdat we allemaal aapjes zijn, vonden ze dat bij VRT plots ook nodig.
Vandaag stootte ik op het volgende bij de berichtgeving van De Standaard:
Jongen bedolven in kuil
Ik begrijp niet in hoeverre het tekeningetje onderaan bijdraagt tot de nieuwswaarde, en dan heb ik het nog niet eens over de leuke mannetjes die paniekerig staan te doen aan de rand van de kuil. Misschien kunnen ze er de volgende keer een toffe 3D-animatie van maken. Met mooi gerenderde jongetjes in paarse zwembroeken, met zandkastelen en zonneschermen op de achtergrond. En een fijn muziekje eronder. Kwestie van de lezer voldoende te entertainen tijdens zijn surftocht.
Komkommertijd.
En hoe tijd te verliezen op het internet met dingen die niet interessant of nuttig zijn, maar je wel veel leeswerk geven en je vaak doen grijnzen en soms zelfs luidop kunnen laten lachen!
http://www.the-editing-room.com/
http://www.cracked.com
http://www.avclub.com/
Jeej!
Verder heb ik “Stumble Upon” geïnstalleerd, waarbij je je interesses ingeeft en je door een simpele klik op de stumblebutton naar allerlei sites surft die je eventueel kunnen interesseren. Fijn!
Ik ben net hierop uitgekomen:
klik
Je moet het echt uitluisteren, de laatste helft is geweldig!
Wat een engerd.
Geslaagd.
Jawel!
edit: en dan nu met een beetje meer uitleg.
De proef bestond uit drie delen: een schriftelijk, mondeling en praktisch gedeelte.
In het schriftelijke gedeelte kregen we een zin (”met zijn allen de roltrap op, de afgrond in”), waarover we een A4 blad lang onze mening dienden te verkondigen. Ik trok ten strijde tegen de consumptiemaatschappij met een pen van Coca-Cola in de hand, een sterk begin. Daarna kregen we enkele namen en begrippen die we in drie woorden moesten duiden, omschrijven of associëren.
Het mondelinge gedeelte was een motivatiegesprek, het tonen van tekeningen en het beelddossier. Ze waren zeer onder de indruk van mijn “lijvig dossier”, ik heb er dus goed aangedaan er die laatste week zoveel werk in te steken. En ik maar denken dat ik niet voldoende materiaal had.
De praktische proef bestond uit verschillende tekenopdrachten: woordbeelden tekenen, een theezakje ontwerpen, tekenen naar waarneming en die waarneming daarna omvormen naar een eigen interpretatie. Die laatste opdracht (de vrije interpretatie dus) ging me iets minder goed af. Na zes uur aan een stuk te tekenen begint een mens al eens uitgeput te geraken. De creativiteit was dus ver zoek en met gemengde gevoelens heb ik die tekening dan uiteindelijk afgegeven. Ik dacht dat ze mij ging nekken, maar ik kon echt niet meer.
Ik wist echt niet of ik wel goed genoeg mijn best had gedaan om er door te zijn en was dus een en al zenuwen. De dag daarna om 16u kregen we pas te horen wie er in september aan de opleiding mocht beginnen en tegen dan was ik er eigenlijk van overtuigd geraakt dat ik er niet bij zou zijn. (ik ben zeer goed in het mezelf wijsmaken van dingen)
De uitslag werd voorgelezen, in alfabetische volgorde dan nog. 103 kandidaten, waarvan er 55 geslaagd waren. Tegen de tijd dat de docent bij de V zat klopte mijn hart tegen een ongezonde snelheid en had ik het zeer warm, even dacht ik dat ik zou flauwvallen, zo nerveus was ik. Groot was mijn verbazing dan ook toen ik achter mijn naam “geslaagd” hoorde. Ik kan het nu nog altijd maar amper geloven. Dat ik in september terug naar school moet elke dag, opdrachten maken, lessen bijwonen, het lijkt zo bizar allemaal. Zo onwerkelijk.
Invasie van de shopfreaks.
Zaken die je op een woensdagnamiddag ziet terwijl je je door de Veldstraat in de soldenperiode rept om naar de oogarts gaan, maar waarover je liever niet in detail wil treden:
- een vrouw van minstens zestig met stijve tepels
- een look-a-like van Balthazar Boma
- de witte onderbroek van een wel zeer corpulente vrouw (Elegant zitten, het is een kunst)
- een marina met meer tattoos dan tanden
- een zweterige oude italiaanse man die irritant dicht tegen je aan komt staan terwijl hij de weg vraagt
Even dacht ik ook dat de zwerverspopulatie drastisch was toegenomen in Gent, maar de mannen die op de stoep tegen de winkelramen aanzaten, waren de zielige zakkendragers die buiten zaten te wachten terwijl hun vrouwen zich in de winkels uitleefden met hun bankkaarten.
Ik had het nog zo gezegd.
Daar heb je het!
Het beelddossier (80 pagina’s) is gebundeld, en plots schiet me te binnen dat ik Wes Anderson vergeten ben op te nemen in het lijstje!
“Godverdommemiljaardedju”, zoals mijn pa zou zeggen.

Mijn t-shirt ontwerp is blijkbaar gestrand op 2.29/5, niet genoeg dus. Jammer, want ik zag het de goede kant opgaan. Het werd niet vroegtijdig uit de running gehaald en ik kreeg enkel positieve commentaren. Ach ja!